Groep 6b/7a

Al onze belevenissen vind je in Parro

Welkom op de pagina van groep 6b/7a , 

 

Aan het eind van groep 6 zul je merken dat je kind nu echt bij de grote kinderen van de basisschool hoort. Op school leert je kind over de wereld, maar ook buiten de schoolmuren weet hij steeds meer zelfstandig zijn weg te vinden.

Zoals groep 3 en 4 bij elkaar horen, zo horen groep 5 en 6 ook bij elkaar. 

 

Leesstrategieën helpen bij begrijpend lezen

Lezen blijft ook in groep 6 heel belangrijk. Dit schooljaar gaat je kind verder met het aanleren van allerlei leesstrategieën die helpen om teksten te begrijpen. Je kind leert bijvoorbeeld stil te staan bij wat voor soort tekst het is, goed te kijken naar koppen en bijschriften, te letten op woorden die een signaal zijn voorbeelden (bijvoorbeeld, zoals) en voorkennis van het onderwerp te benutten. Ook leert je kind het onderscheid herkennen tussen feiten en meningen.

In groep 5 heeft je kind al voorzichtig kennisgemaakt met grammatica (werkwoorden herkennen). In groep 6 leert het al de persoonsvorm en het onderwerp benoemen – het begin van zinsontleding. Voegwoorden, vraagwoorden, zelfstandig naamwoorden, trappen van vergelijking en de verschillen tussen tegenwoordige tijd en verleden tijd komen ook al aan bod.

Bij spelling maakt je kind dit schooljaar een begin met de werkwoordspelling. In groep 6 wordt kennisgemaakt met werkwoordsvormen op -dt. Lastig!

 

Taal en lezen in groep 6

  • Lezen: AVI-E6. Begrijpend lezen van instructieve en informatieve teksten. Tekstsoorten onderscheiden. Herkennen van voorbeelden, tegenstellingen, oorzaak-gevolg en middel-doelrelaties in teksten. Naslagwerken gebruiken als woordenboek, encyclopedie en internet
  • Stellen: een e-mail, brief, verhaal, gedicht, boekverslag. Met aandacht voor alinea’s, titels, kopjes (en goed gebruik van hoofdletters en leestekens (punt, komma, dubbele punt, puntkomma, aanhalingstekens, haakjes)
  • Spreken/luisteren: spreekbeurt houden, muurkrant of werkstuk maken
  • Spelling: Meervoud op ‘s; woorden met een c; woorden op -atie en -itie en -tie; tijdsaanduidingen met ‘s, hoofdletters bij landen, steden, inwoners; werkwoordspelling met -dt
  • Grammatica: persoonsvorm en onderwerp benoemen

 

Rekenen in groep 6: mag het een nulletje meer zijn?

Eind van groep 5 heeft je kind de de eerste berekeningen tot 10.000 zijn al gemaakt. In groep 6 komen er nog meer nullen bij: dan gaat je kind sommen maken tot 100.000 en is het begrip ‘miljoen’ geen vage aanduiding meer voor ‘heel veel’, maar een getal met zes nullen.

Tegelijkertijd gaat je kind aan de slag met heel kleine getallen. Breuken vormen een belangrijk deel van de rekenstof in groep 6. Je kind gaat zelfs al vermenigvuldigen met kommagetallen en deelsommen maken met rest. Verder wordt rekenen aan de hand van een schaalverdeling geoefend.

 

Rekenen in groep 6

  • +/- t/m 100.000
  • Getalbegrip t/m 1.000.000, Romeinse cijfers
  • Breuken: halven, kwarten, derden, vijfden achtsten, tienden, zesden. Kommagetallen
  • Vermenigvuldigen: sommen uit de tafels en grotere getallen
  • Delen: sommen uit de tafels en grotere getallen (met rest)
  • Meten: lengtematen (mm, dm, m,¬ km); inhoudsmaten (ml,¬ dl, ¬ l); gewicht (kg, g:) oppervlakte, omtrek (uitrekenen, cm2, m2); plattegronden lezen
  • Verhoudingen: schaal, snelheid, prijs per stuk

 

Jagers, boeren, Grieken, Romeinen, monniken en ridders

Bij geschiedenis wordt uitgegaan van tien tijdvakken, van de prehistorie tot de huidige tijd. Verdeeld over de bovenbouwjaren komen deze tijdvakken allemaal voorbij. De meerderheid van de scholen werkt de tijdvakken in drie (groep 6, 7, 8) of vier (groep 5, 6, 7, 8) groepen in chronologische volgorde af: van de prehistorie tot het heden. In groep 6 leert je kind dan over Jagers en boeren, Grieken en Romeinen, Monniken en ridders.

Sommige scholen gaan juist terug in de tijd: ze beginnen in het heden en trekken steeds verder het verleden in. Tot slot zijn er ook nog scholen waar de leerlingen in groep 6, 7 en 8 drie keer de hele geschiedenis doorlopen, waarbij ze steeds een beetje dieper op de stof ingaan. En er zijn scholen die kiezen voor een thematische behandeling van de geschiedenis.

Bij aardrijkskunde blijft je kind in groep 6 nog even binnen de landsgrenzen. In groep 5 heeft het al een globaal beeld van Nederland opgedaan, in groep 6 leert het de topografie van alle provincies. In totaal gaat het om een lijst met honderd topografische begrippen: steden, rivieren, provincies en gebieden. Je kind zal regelmatig huiswerk meekrijgen om dit allemaal te leren.

 

Wereldoriëntatie in groep 6

  • Geschiedenis: tijd van jagers en boeren, Grieken en Romeinen, monniken en ridders Aardrijkskunde: topografie van heel Nederland, grondsoorten in Nederland, Nederland leeft met water
  • Biologie en natuur: gezonde voeding, klimaat in Europa, weerbeeld per seizoen, zintuigen, ademhaling
  • Techniek: licht, geluid, magnetisme
  • Godsdienst: belangrijke personen en gewoontes in wereldreligies (christendom, jodendom, islam)
  • Mens en maatschappij: omgaan met geld, werkwijze politie, verkiezingen, aandacht voor pesten en discriminatie

 

Sociaal-emotionele ontwikkeling in groep 6

Rekening houden met anderen, conflicten oplossen, samenwerken

Groep 7 wordt wel gezien als het belangrijkste jaar van de basisschool. De moeilijkste stof van rekenen en taal wordt behandeld. Met deze bagage gaan de leerlingen naar groep 8 waar een groot deel wordt herhaald en iets verder uitgediept.

 

Begrijpend lezen, studeren lezen en voorlezen op toon

Je kind leert steeds beter om te gaan met strategieën om de betekenis van teksten te doorgronden (begrijpend lezen). Een strategie is een soort ‘aanvalsplan’ om greep te krijgen op een tekst: voorspellen waar de tekst over gaat, bedenken wat je al van het onderwerp afweet, nadenken over de vorm en structuur van de tekst of letten op bepaalde signaalwoorden in de tekst.

In groep 7 leert je kind onderscheid te maken tussen informatieve en betogende teksten en tussen feiten en meningen.

Nieuw in groep 7 is het ‘studerend lezen’. Je kind doet ervaring op in het lezen om ervan te leren, een vaardigheid die in de rest van de schoolcarrière natuurlijk broodnodig is.

Je kind kan nu zo goed lezen, dat ook mooi op toon voorlezen binnen zijn vermogen ligt. Op veel scholen oefenen de kinderen in groep 7 en 8 voor deelname aan voorleeswedstrijden. Of ze gaan naar de kleuterklassen om de kinderen in groep 1 en 2 voor te lezen uit een mooi prentenboek.

 

Zinnen hakken en woorden benoemen

Onderwerp, gezegde, lijdend voorwerp – je kind leert ze allemaal benoemen. Net als het meewerkend voorwerp en bijwoordelijke bepalingen. Zinsontleding staat in groep 7 op het taalmenu en is voor veel kinderen best zware kost. Gelukkig is het niet allemaal nieuw, want in groep 6 is al een beginnetje gemaakt. In groep 7 wordt er intensief geoefend om de zinsontleding onder de knie te krijgen. En dat gaat volgend jaar in groep 8 gewoon door.

Hetzelfde geldt ook voor het leren benoemen van woordsoorten, het zogeheten taalkundig ontleden. In groep 6 zijn de eerste stappen al gezet, in groep 7 en 8 gaat het verder. Aan het einde van de basisschool kan je kind de volgende woordsoorten benoemen: zelfstandige naamwoorden, werkwoorden, bijvoeglijke naamwoorden, lidwoorden, voegwoorden, voorzetsels en voornaamwoorden (persoonlijk, bezittelijk, aanwijzend).

Door inzicht te krijgen in de structuur van zinnen is het gemakkelijker de betekenis te achterhalen. Bovendien helpt dit inzicht bij (werkwoord)spelling en het aanleren van een vreemde taal. Beide vormen van ontleden horen bij het taalonderdeel ‘taalbeschouwing’. Zo gaat je kind ook oefenen met actieve en passieve zinnen, tegenstellingen en vraagzinnen. Ook het uitbreiden van de woordenschat verhoogt de taalvaardigheid van je kind.

 

Taal en lezen in groep 7

  • Lezen: toepassen leesstrategieën voor begrijpend lezen als voorspellen, voorkennis gebruiken, vorm en structuur herkennen, signaalwoorden. Studerend lezen door middel van herlezen, schematiseren, onderstrepen, aantekeningen maken, uittreksel maken, samenvatten . Voor(drachts)lezen.
  • Stellen: informatieve en instructieve teksten schrijven
  • Spreken/luisteren: discussiëren, discussie leiden, argumenteren
  • Spelling: leenwoorden, woorden met ‘s, woorden met trema en koppelteken, werkwoordspelling
  • Grammatica: taalkundig ontleden (zelfstandig naamwoord, werkwoord, bijvoeglijk naamwoord, lidwoord, voegwoord, voorzetsel, persoonlijk/bezittelijk/aanwijzend voornaamwoord); redekundig ontleden (onderwerp, gezegde, lijdend voorwerp, meewerkend voorwerp, bijwoordelijke bepaling); passieve en actieve zinnen

 

Rekenen in groep 7: best pittig!

Op het gebied van rekenen is groep 7 een pittig jaar: rekenen met breuken, procenten, verhoudingen en kommagetallen, inhouden en oppervlakten berekenen, schalen lezen, rekenen met snelheden en geldkoersen. En dat met steeds grote getallen (tot een miljoen!) en steeds ingewikkelder sommen. Het zijn opgaven waarvan je de oplossingen zelf ook niet meer zo 1-2-3 uit je mouw zult schudden.

Er zijn dan ook best veel kinderen die extra hulp nodig hebben bij het rekenen. Volgens cijfers van Cito wordt meer dan eenderde van de leerlingen in de bovenbouw in het rekenen bijgespijkerd door een intern begeleider, rekenspecialist of remedial teacher. Jongens rekenen over het algemeen wat beter dan meisjes. Houd dit schooljaar dus goed in de gaten of je kind het kan bijbenen en overleg tijdig met leerkracht als je het gevoel hebt dat je kind verzuipt in de lesstof.

 

Rekenen in groep 7

  • Sommen t/m 1.000.000+/- en x/: zowel kolomsgewijs als cijferend berekenen, gebruik rekenmachine
  • Breuken: optellen, aftrekken, vermenigvuldigen, veelvoud berekenen
  • Schaalsommen, gemiddelden, verhoudingen, procenten, decimale getallen
  • Meten: het complete metrieke stelsel van lengte, oppervlakte, inhoud en gewicht
  • Hoofdrekenen: + en – tot 100 (of met grotere getallen naar analogie)
  • Schattend rekenen: afronden, schatten van sommen met kommagetallen, uitkomst schatten als controle bij rekenen met rekenmachine

 

Kinderen in groep 7 zijn al behoorlijk wereldwijs

 

Bij aardrijkskunde staat in groep 7 Europa op het menu. De wereldverkenning gaat natuurlijk verder dan kaarten leren. Bij aardrijkskunde leert je kind bijvoorbeeld ook over de verschillende klimaten in Europa.

Bij geschiedenis groep 7 staan op de meeste scholen de Tachtigjarige Oorlog, de Gouden Eeuw en de Franse revolutie centraal.

Veel basisscholen besteden, voorafgaand aan de herdenking op 4 en de viering op 5 mei, intensief aandacht aan de Tweede Wereldoorlog. Een groeiend aantal scholen ‘adopteert’ met groep 7 en 8 een oorlogsmonument in hun eigen dorp of buurt. De leerlingen houden het monument schoon en netjes en leren door dit project meer over de lokale geschiedenis in de Tweede Wereldoorlog.

Op andere basisscholen lopen de kinderen mee met de stille tocht op 4 mei, leggen ze bloemen bij een gedenkplaats, schrijven ze gedichten over de oorlog of er staan in groep 7 of 8 excursies op het programma naar bijvoorbeeld het Anne Frankhuis of Kamp Westerbork.

Vanaf een jaar of tien beginnen kinderen ook interesse te ontwikkelen voor politiek. Veel kinderen kijken naar het Jeugdjournaal (vaak ook op school), dat ook vaak aandacht besteedt aan politieke kwesties. In de lessen wereldoriëntatie leert je kind dit jaar hoe een gemeente wordt bestuurd.

Doordat je kind steeds beter zijn eigen mening leert formuleren – ook dat wordt geoefend op school – kun je samen al heel interessante maatschappelijke discussies voeren.

 

Wereldoriëntatie in groep 7

  • Geschiedenis: tijdvakken Steden en staten, Ontdekkers en hervormers, Regenten en vorsten, Pruiken en revoluties
  • Aardrijkskunde: Europa, zowel topografie, geografie als economie en welvaart
  • Biologie en natuur: fotosynthese, voedselkringlopen, bloedsomloop, spijsvertering, voortplanting bij mens en dier
  • Techniek: elektriciteit en energie, magnetisme, constructie en materialen
  • Godsdienst: aandacht voor christendom, islam, hindoeïsme, boeddhisme, humanisme, vrijheid van geloof, gevolgen van ontkerkelijking
  • Verkeer: verkeersregels kennen en toepassen in een redelijk vertrouwde omgeving (theoretisch en praktisch verkeersexamen)
  • Mens en maatschappij: democratie, waarden en normen, emancipatie, vrijheid van meningsuiting, discriminatie

 

Sociaal-emotionele ontwikkeling in groep 7 en 8

Weerbaarheid, motivatie, doorzettingsvermogen, zelfstandigheid, verantwoordelijkheid, respect voor anderen 

Deze website maakt gebruik van cookies. Wij gebruiken cookies om het gebruik van de website zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Door op ‘Akkoord’ te klikken of door te gaan met gebruik van de website ga je akkoord met het gebruik van deze cookies.


Of klik hier voor meer informatie.